De partijbedoeling bij huwelijkse voorwaarden

 

Eerder schreven wij al over het feit dat veel gehuwden, indien zij zijn gehuwd na het sluiten van huwelijkse voorwaarden, niet (meer) weten wat er in de akte huwelijkse voorwaarden staat. Indien een huwelijk na jaren scheuren begint te vertonen, en de akte huwelijkse voorwaarden weer uit de onderste la van het bureau wordt gevist, komt men vaak van een koude kermis thuis.

 

Naast de mogelijkheid dat partijen eigenlijk nauwelijks meer weten dat er uberhaupt huwelijkse voorwaarden zijn gesloten, laat staan wat is afgesproken, is het ook mogelijk dat partijen zich wel degelijk van hun huwelijkse voorwaarden en de inhoud daarvan bewust zijn, maar daar niet naar handelen, aangezien men, of een van beiden, bijvoorbeeld in de veronderstelling leeft op een later moment afwijkende afspraken te hebben gemaakt. Het komt niet zelden voor dat partijen dan dienen te procederen over wat zij nu hebben (willen) afspreken door middel van de akte huwelijkse voorwaarden. De vraag die dan aan de rechter wordt gesteld, is te oordelen of dient te worden afgewikkeld volgens de letter van de tekst van de akte huwelijkse voorwaarden, dan wel wat partijen bedoeld zouden moeten hebben. Dit kan worden toegelicht aan de hand van het navolgende voorbeeld.

 

In een akte huwelijkse voorwaarden is de navolgende tekst opgenomen:“Er zal tussen de echtgenoten generlei gemeenschap van goederen – hoe ook genaamd – bestaan. Dientengevolge zullen alle zaken, welke de echtgenoten ten huwelijk aanbrengen of gedurende het huwelijk, op welke wijze ook, verkrijgen, ieders persoonlijk eigendom zijn en blijven. De geschenken, die ter gelegenheid van de voltrekking van het huwelijk van de comparant-bruidegom met de comparante-bruid door hun wederzijdse familieleden, vrienden en/of kennissen zullen worden gedaan, zullen geacht worden te zijn gedaan aan de comparante-bruid alleen en mitsdien aan haar in prive-eigendom blijven.”

 

Volgens de letter van de tekst zijn partijen een zogenaamde “koude uitsluiting” overeengekomen. Dit houdt in dat er op geen enkele wijze sprake is van een gemeenschap van goederen. Al wat een echtgenoot gedurende het huwelijk verkrijgt, blijft van die echtgenoot.

 

In casu hebben partijen na het sluiten van het huwelijk, aldus de man, te allen tijde geleefd alsof er sprake was van een gemeenschap van goederen. De man ging er ook altijd vanuit dat er sprake was van een gemeenschap van goederen. Het Hof ’s-Gravenhage oordeelt echter dat partijen, indien zij ingeval van een echtscheiding zouden willen afrekenen alsof partijen in gemeenschap van goederen waren gehuwd, partijen dit expliciet, door middel van een zogenaamd finaal verrekenbeding, in de akte huwelijkse voorwaarden hadden moeten laten opnemen. Dat is echter niet het geval geweest.

 

Weliswaar zou er op grond van de redelijkheid en billijkheid van deze voorwaarde afgeweken kunnen worden, maar dat is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. In casu had de man daarvoor onvoldoende gesteld. Zo speelde mee dat de akte huwelijkse voorwaarden destijds door de notaris was voorgelezen, zodat de man wist (of had kunnen weten) dat er sprake van een koude uitsluiting (zonder finaal verrekenbeding) was.

 

De conclusie luidt dan ook dat, indien partijen afwijken van hetgeen zij conform de akte huwelijkse voorwaarden zijn overeengekomen, ook deze afwijking vastgelegd dient te worden. Partijen zullen dan ook hun huwelijkse voorwaarden dienen te wijzigen. Voordeel is dat al enige tijd, sinds 1 januari 2012, voor het wijzigen van huwelijkse voorwaarden gedurende het huwelijk geen rechtelijke goedkeuring meer is vereist.

 

Auteur: Sander van Luijk

De partijbedoeling bij huwelijkse voorwaarden redelijkheid en billijkheid problematiek partijen huwelijksrecht huwelijkse voorwaarden wetsvoorstel huwelijkse voorwaarden schulden huwelijkse voorwaarden register huwelijkse voorwaarden overlijden huwelijkse voorwaarden opstellen huwelijkse voorwaarden koude uitsluiting huwelijkse voorwaarden kosten huwelijkse voorwaarden gemeenschap van goederen huwelijkse voorwaarden alimentatie huwelijkse voorwaarden 2014 huwelijkse voorwaarden huwelijkscontract huwelijk gemeenschap van goederen finaal verrekenbeding echtgenoot akte

Sander van Luijk, werkzaam bij Dijkstra Voermans Advocaten, is een echte specialist op het gebied van het personen- en familierecht. U kunt bij hem terecht voor adviesvraagstukken rond echtscheidingsprocedures en de verdeling van zowel zakelijk als privevermogen. Sander maakt deel uit van de branchegroep familiebedrijven. Hij kan de invloed van huwelijkse voorwaarden op of de gevolgen van een echtscheiding voor een familiebedrijf in kaart brengen. Daarnaast houdt Sander zich bezig met huurrecht; van het opstellen van huurovereenkomsten tot het procederen in huurgeschillen.

 

Gerelateerde berichten

  Eerder schreven wij al over het feit dat veel gehuwden, indien zij zijn gehuwd na het sluiten van huwelijkse voorwaarden, niet (meer) weten...
Iemand had een mooie infographic gemaakt over beeldgebruik volgens het Amerikaanse auteursrecht. Prachtig schema, veel informatie. Maar Amerikaans....

Deel dit artikel

Social buttons: 

Vind voor mij de juiste advocaat

U heeft hulp nodig bij een juridisch conflict? Laat ons u helpen met het vinden van de beste advocaat!
Reageer

Experts uitgelicht

Huurrecht, Bouwrecht, Burenrecht
5

(2 beoordelingen)
(Incasso) beslag en executierecht, Ontslagrecht, Echtscheiding
5

(4 beoordelingen)
Aansprakelijkheidsrecht, Arbeidsrecht, Hippisch recht
5

(1 beoordeling)

Exclusief bij De Advocatenwijzer

Gratis juridische documenten
Bespaartips bij juridische kosten
Beoordeel jouw expert
...en verder nog veel meer
Zelf aan de slag?